Tuesday, 20 January 2009

Dienaar in de gegeven genade

 “ en de Heer gediend heb met alle ootmoedigheid, en met veel tranen en  beproevingen, die mij overkomen zijn door de lagen der Joden;” (Hnd 20:19 NLB)

 “ Alzo zal het onder u niet zijn; maar wie onder u groot wil zijn, die zij  uw dienaar;  en wie onder u de voornaamste wil zijn, die zij uw knecht;  gelijk des Mensen Zoon niet gekomen is om zich te laten dienen, maar om  te dienen en Zijn leven te geven tot een losprijs voor velen.” (Mt 20:26-28 NLB)

 “ Want indien iemand meent, dat hij iets is, daar hij nochtans niets is,  die bedriegt zichzelf.” (Ga 6:3 NLB)

 “ Want ik zeg, door de genade die mij gegeven is, aan ieder onder u, dat  niemand over zichzelf hoger denke dan hem betaamt te denken, maar dat  hij matig over zich denke, ieder naardat God uitgedeeld heeft de maat  des geloofs.” (Ro 12:3 NLB)

 “ Alzo ook gij, wanneer gij gedaan hebt al wat u bevolen is, zo zegt: Wij  zijn onnutte knechten, wij hebben slechts gedaan hetgeen wij schuldig  waren te doen.” (Lu 17:10 NLB)

 “ Want onze roem is deze, de getuigenis van ons geweten, dat wij in  eenvoud en oprechtheid voor God, niet in vleselijke wijsheid maar  in Gods genade, in de wereld gewandeld hebben, maar allermeest bij  u.” (2Co 1:12 NLB)

 “ Maar wij hebben deze schat in aarden vaten, opdat de uitnemende kracht  zij uit God, en niet uit ons.” (2Co 4:7 NLB)

No comments:

Post a comment