Tuesday, 5 September 2017

Belgische Broeders van Liefde dreigen gesanctioneerd te worden voor hun keuze om euthanasie toe te laten in hun instellingen

In België is er de voorgaande jaren al heel wat gediscussieerd over het recht om over het eigen leven te beschikken. Recente rechtsspraak heeft hierbij ook bevestigd, dat een zorginstelling hiervoor ruimte moet bieden.

De rechtbanken hebben geoordeeld dat de Wet omtrent Euthanasie in acht moet genomen worden en dat indien iemand verzoekt om zijn leven te beëindigen en die vraag van de patiënt voldoet aan de strikte juridische voorwaarden, dat dan enkel de betrokken arts en verpleegster zelf gewetensbezwaar kunnen inroepen, maar dat indien een vertrouwensarts van de patiënt er mee zou instemmen, hiertoe geen bezwaar kan gemaakt worden door de instelling waar de patiënt op dat ogenblik verblijft.

Belangrijk wordt het indien iemand geestelijk wordt getart in zichzelf en zijn lijden als uitzichtloos ervaart. In zulk geval is het voor een meevoelende mens erg belangrijk om zijn liefde voor die medeburger te tonen. Het is erg belangrijk om deze kwetsbare mens vanuit christelijke inspiratie nabij te zijn. Hiertoe kan eerst en vooral de hoop kenbaar gemaakt worden en de vele mogelijkheden voorgelegd worden om toch zich beter te voelen of meer hoop in dit leven te krijgen. Maar indien dat niet helpt moet men open staan voor de wensen van de persoon die lijdt.

Wie diens vraag naar euthanasie negeert, of zonder meer dadelijk afwijst, mist de kans om het begrip “kwaliteit van het einde van het leven” creatief (d.w.z. levenskansen biedend) vorm te geven.

De Belgische Broeders van Liefde die meerdere psychiatrische instellingen hebben komen meermaals in contact met patiënten die om een levensbeëindiging vragen.
Daarom willen de de Belgische Broeders van Liefde mee timmeren aan die moeilijke weg van palliatieve begeleiding in situaties van psychisch uitzichtloos lijden. De betrokken, en christelijk geïnspireerde, zorgrelatie tot de psychisch zieke mens kan hierbij een brug vormen tussen de beschermwaardigheid van het menselijke leven en de wens naar autonomie, uitgedrukt in een vraag tot euthanasie. Vanuit deze zorgende relatie kiezen de Broeders ervoor om beschermwaardigheid van het leven prioritair boven het zelfbeschikkingsrecht te stellen.

Als Rooms Katholieken kiezen zij primair voor het leven, niet voor de dood, maar tegelijk kiezen ze ervoor om de oprechte vraag van de patiënt die zijn situatie als uitzichtloos en ondraaglijk ervaart, niet te negeren.

Als men die vraag van de patiënten ernstig neem en zijn situatie helemaal heeft onderzocht, komt men wel eens voor de beslissing te staan om al of niet de wensen van de patiënt in te wilgen. Waar de onderzochte alternatieven onvoldoende verlichting van het ondraaglijke lijden kunnen bieden in de ogen van een wilsbekwame patiënt, zou dat ook kunnen betekenen dat die psychisch zieke mens uiteindelijk, na een zorgvuldig doorlopen traject, zijn leven via een euthanasie aan God wenst toe te vertrouwen. daarbij kan men ook de vraag stellen of men een mens meer kan laten lijden dan een dier, dat men in bepaalde situaties toch van zijn leden zou verlossen door het te doen inslapen.

Door de Paus en het Roomse hoofdkwartier van de Broeders van Liefde tot de orde geroepen, worden deze broeders in België erg onder druk gezet, doordat er gedreigd wordt hen te ex-communiceren, terwijl zij de liefde voor de medemens voorop stellen.

De Belgische heren die zich aan God willen toevertrouwen laten weten dat zij lichtvaardig besluit hebben genomen met het toelaten van euthanasie. Het is eerder een uiterst zorgvuldig keuzeproces waarbij zij toch als hulpverleners ook de plicht hebben om steeds te blijven zoeken naar het antwoord hoe zij kunnen bijdragen tot het welzijn van de concrete lijdende mens die op hun weg komt, door liefdevol samen met hen op weg te gaan.


Als volgelingen van Jezus christus, moeten wij als christenen nagaan wat wij als feilbare mensen zonder magische kracht kunnen verwezenlijken, zonder de mensen valse hoop te geven of zonder hen verder onnodig lijden te bezorgen. Wij moeten niet denken Jezus te zijn en mirakels te kunnen verrichten. Wij moeten wel zoals Jezus oor hebben voor deze mensen en hen met onze woorden soelaas brengen. Maar wij mogen ons niet boven hen stellen, noch hun hartewens in de weg staan. Wat is ons recht om over hun leven te beschikken? Indien zij een grote wens uiten, wie zijn wij om daar tegen in te gaan. Wij kunnen hen aanraden om god over hun leven te alten beschikken en het zo verder medische hulp te laten verlopen zoals het zal verlopen. Maar indien wij pijnstillers kunnen geven die hun pijn zal wegnemen, ook al zou dat tot hun einde lijden, wie zijn wij dan om die pijnverzachters niet te gunnen?