Friday, 17 July 2009

Grondslag voor de af te leggen weg

“Spreekt elkaar moed in, elke dag, zolang dat ‘heden’ duurt, zodat niemand zich door de zonde tot zulk een halsstarrigheid laat verleiden. Want wij zijn Christus’ deelgenoten geworden, mits we ons aanvankelijk vertrouwen ongeschokt bewaren tot het einde.” (Heb 3:13-14 WV78)
“Laten we elkaar in het oog houden om met elkaar te wedijveren in liefde en daden van liefde. Wij moeten niet wegblijven van onze bijeenkomsten, zoals sommigen gewoon zijn te doen; laten we elkaar moed inspreken, en dit te meer naarmate gij de grote dag dichterbij ziet komen.” (Heb 10:24-25 WV78)
 “dat gij de oude mens van uw vroegere levenswandel, die te gronde gaat aan zijn bedrieglijke begeerten, moet afleggen” (Efe 4:22 WV78)

“Over de broederliefde is het niet nodig u te schrijven. Zelf hebt gij van God geleerd elkander te beminnen, en gij beoefent de liefde dan ook jegens alle broeders in heel Macedonie. Wij sporen u alleen aan, broeders, dit nog veel meer te doen.” (1Th 4:9-10 WV78)
“Broeders, wij willen u niet in onwetendheid laten over het lot van hen die ontslapen zijn; gij moogt niet bedroefd zijn zoals de andere mensen, die geen hoop hebben. Wij geloven immers dat Jezus is gestorven en weer opgestaan; evenzo zal God hen die in Jezus zijn ontslapen levend met Hem meevoeren.” (1Th 4:13-14 WV78)
 “Troost elkander dan met deze woorden.” (1Th 4:18 WV78)
“Zij hebben ons opgevoed voor dit kort leven, volgens hun eigen ideeen; Hij voedt ons op voor ons welzijn, om ons deel te geven aan zijn eigen, eeuwige heiligheid.” (Heb 12:10 WV78)
“Daarom, mijn broeders, gij die door een hemelse roeping geheiligd zijt, richt uw ogen op Jezus, de apostel en hogepriester van het geloof dat wij belijden.” (Heb 3:1 WV78)
“Blijft daarom elkander bemoedigen en steunen, zoals gij trouwens al doet.” (1Th 5:11 WV78)
 “verkondig het woord, dring aan te past en te onpas, weerleg, berisp, bemoedig, in een woord, geef uw onderricht met groot geduld.” (2Ti 4:2 WV78)

“Christus echter is getrouw als zoon, aangesteld over het huis van God. En dat huis zijn wijzelf, als wij tenminste ons vertrouwen en de hoop die onze trots is ongeschokt bewaren tot het einde.” (Heb 3:6 WV78)
“En wat is het geloof? Het geloof is een vaste grond van wat hij hopen, het overtuigt ons van de werkelijkheid van onzichtbare dingen.” (Heb 11:1 WV78)
 “Verheug u veeleer, juist in de mate dat gij deel hebt aan het lijden van Christus; dan zult gij juichen van blijdschap, wanneer zijn heerlijkheid zich openbaart.” (1Pe 4:13 WV78)
“dat de heidenen in Christus Jezus medeerfgenamen zijn, medeleden en mededeelgenoten van de belofte door middel van het evangelie,” (Efe 3:6 WV78)
“Christus echter is trouw als Zoon die over dat huis is aangesteld. Wij vormen dat huis, mits we trots en zonder schroom vasthouden aan datgene waarop wij hopen.” (Heb 3:6 Nbv)

“Het geloof legt de grondslag voor alles waarop we hopen, het overtuigt ons van de waarheid van wat we niet zien.” (Heb 11:1 Nbv)

English version > Foundation to go the distance