Thursday, 27 May 2010

Herinner


“Daarom zal ik altijd bereid zijn u deze dingen in herinnering te brengen, hoewel ge ze weet en bevestigd zijt in de waarheid die bij u is;” (2Pe 1:12 NB)

“Dit is, geliefden, al de tweede brief die ik u schrijf, en waarin ik door een herinnering bij u het zuivere denken tracht wakker te houden,” (2Pe 3:1 NB)

“Voor alles is er een uur, er is een tijd voor al wat wil onder de hemelen. •• Een tijd van baren en een tijd van sterven; een tijd van planten en een tijd van aanplant rooien. Een tijd van vermoorden, en een tijd van verplegen, een tijd van afbraak en een tijd van opbouw. Een tijd van huilen en een tijd van lachen, een tijd van jammeren en een tijd van dansen. Een tijd van stenen wegwerpen en een tijd van stenen opstapelen; een tijd van omhelzen en een tijd om je verre te houden van omhelzen. Een tijd van zoeken en een tijd van verliezen, een tijd van bewaren en een tijd van wegwerpen. Een tijd van afscheuren en een tijd van aannaaien, een tijd van zwijgen en een tijd van spreken. Een tijd van liefhebben en een tijd van haten, een tijd van oorlog en een tijd van vrede. •• Welk voordeel heeft wie iets doet van dat waarvoor hij zwoegt?” (Pre 3:1-9 NB)

“Wij weten dat voor wie God liefhebben hij alles doet mede–werken ten goede,– voor wie naar zijn voornemen geroepen zijn;” (Ro 8:28 NB) “En wel ons, die hij heeft geroepen niet alleen uit Judeeërs maar ook uit heidenvolkeren,” (Ro 9:24 NB)

“Getrouw is God door wie gij zijt geroepen tot gemeenschap met zijn Zoon, Jezus Christus, onze Heer.” (1Co 1:9 NB)

“In hem zijn wij voorbestemd om erfgoed te ontvangen, naar het voornemen van hem die alles tot stand brengt naar de raad van zijn wil.” (Efe 1:11 NB)

“overeenkomstig het voornemen van eeuwigheden her dat hij heeft verwerkelijkt in Christus Jezus,” (Efe 3:11 NB)

“waartoe hij u ook geroepen heeft door onze verkondiging, om de glorie van onze Heer, Jezus Christus, te mogen verwerven. Dus, broeders–en–zusters, staat dan pal en houdt vast aan de overleveringen waarin ge onderricht zijt, hetzij door een woord hetzij door een brief van ons.” (2Th 2:14-15 NB)

“u hebben bemoedigd en toegesproken en betuigd dat ge moest wandelen waardig aan God die u roept tot zijn eigen koninkrijk en heerlijkheid.” (1Th 2:12 NB)

“De spijzen zijn voor de buik en de buik is voor de spijzen, en God zal én haar én hen tenietdoen. Maar het lichaam is niet voor de hoererij maar voor de Heer, en de Heer voor het lichaam.” (1Co 6:13 NB)

“Maar gij zijt ‘een uitverkoren generatie, een koninklijk priesterschap, een heilig volk, een gemeente ten eigendom’, {#Ex 19:6} om de deugden te verkondigen van hem die u uit het duister heeft geroepen tot zijn wonderbaar licht;” (1Pe 2:9 NB)

“Ze vallen op hun aanschijn en zeggen: o God, God van de ademtochten voor alle vlees: één man zondigt en op héél de samenkomst zijt gij woedend? •” (Nu 16:22 NB)

“laat de ENE, de God van Geest over alle vlees, iemand aanstellen over de samenkomst” (Nu 27:16 NB)

“een ziel,– stel, hij zondigt in dwaling tegen alle geboden van de ENE over wat niet zal worden gedaan; en gedaan heeft hij iets tegen één van hen; als de priester, de gezalfde, zondigt tot schuld over de gemeente: doen naderen zal hij tot de ENE, voor zijn zonden waarmee hij heeft gezondigd: een var, dat is de zoon van een rund, volmaakt, ter ontzondiging.” (Le 4:3 NB)

“dat onze verkondiging niet alleen in woord aan u geweest is, maar ook in kracht en in heilige Geest en in grote volheid, zoals ge wel wéét hoe wij om u onder u zijn geweest.” (1Th 1:5 NB)



English  version / Engelse versie > Remind